Binnen en Buiten

2 juni 2020 0 Door nikol

Beste Boom,

Het is lang geleden,
dat ik hier bij jou
op een bankje zat.

Een nieuwe Koning
veroorzaakte tumult
en ik was genoodzaakt
jou voorbij te wandelen,
niet stil te staan,
laat staan
op deze bank te gaan zitten.

Ook nu weet ik niet goed
of ik hier mag zitten,
maar ik doe het toch.
Ik heb je gemist.

Het is niet zo
dat ik al die tijd
niet meer naar Binnen
ben gegaan.

Dat zou heel erg zijn.

Ik liet mij begeleiden
door Menselijke Gidsen,
die mij bij de hand namen
op weg naar de Bron.
Zonder Gids
raakte ik de weg kwijt.

In jouw bijzijn
ga ik weer
alleen op pad.
Niet geheel alleen,
niet zonder jou.
Jij bent mijn persoonlijke Gids.

Wat is het hier rustig en vredig,
zo dicht bij de Bron.
Buiten is er zoveel commotie,
waardoor ik steeds weer
vergeet hoe het hier is.

De nieuwe Koning
houdt de Mensheid
in zijn greep.

Hij dwingt ons om Binnen te blijven,
ons minder te laten afleiden
door Buiten.

Maar we luisteren niet goed.
Ook ik niet.
We doen nochtans ons best.
We oefenen elke dag
om naar Binnen te gaan
en de Bron op te zoeken,
zonder ons te laten afleiden.

Dat is moeilijk.
We gaan zo graag
bij elkaar op bezoek
en besmetten elkaar
met onze angsten en
menselijke beslommeringen.
Voor we het weten
zijn we de weg verloren
naar de Bron.

Vreemde Fenomenen
van Buiten leiden mij af,
dringen naar Binnen,
zonder dat ik er erg in heb.
Het is ook moeilijk
te onderscheiden
welke Fenomenen
hier thuishoren
en welke van Buiten zijn.

Wat hierbinnen niet thuishoort,
dient afgevoerd te worden.
Hier op dit bankje,
in jouw bijzijn en met
mijn blik gericht op het water,
geraak ik als vanzelf
bij de Bron
en kan ik alles
weer op orde brengen,
afvoeren wat ik niet nodig heb.
Zo kan ik mij weer
smetteloos verbinden
met anderen.

Wat hierbinnen wel thuishoort
is het Ritme van mijn Hart,
waarop het Leven danst en trilt.

(54)